MEEST GESTELDE VRAGEN OVER NOW 1.0

null

<NOW 1.0: april tot en met mei>

Op 31 maart 2020 is de Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor behoud van Werkgelegenheid (NOW 1.0, hierna te noemen ‘NOW-regeling’) bekend gemaakt. Wij hebben de regeling inmiddels doorgenomen en de meest voorkomende vragen en antwoorden op dit moment voor je op een rij gezet.

A.DEFINITIES

1A. Wat houdt de NOW 1.0-regeling in?

Een subsidie in de loonkosten van de werkgever van maximaal 90%. Er wordt een voorschot – na het indienen van de aanvraag – van  maximaal 80% toegekend.

2A. Wanneer ben je werkgever in de zin van de NOW 1.0-regeling?

Je bent werkgever als wordt bedoeld in artikel 1 onderdeel q of r Wet financiering sociale verzekeringen. Oftewel de werkgever in de zin van de Werkloosheidswet, de Ziektewet, de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen of de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering en de overheidswerkgever.

3A. Wat is een groep of ook wel eens een concern genoemd, zoals wordt bedoeld in de NOW 1.0-regeling?

Wanneer de rechtspersoon of vennootschap onderdeel is van een groep als bedoeld in artikel 2:24b BW. Indien de rechtspersoon een dochtermaatschappij is van een ander als bedoeld in artikel 2:24a BW, worden de dochtermaatschappij en de rechtspersoon voor de werking van deze regeling behandeld als zijnde een groep.

4A. Wat is omzet?

Gelijk aan de definitie van omzet in het jaarrekeningenrecht / artikel 2:377 lid 6 BW. Er wordt uitgegaan van netto omzet, zijnde opbrengst uit levering van goederen en diensten uit het bedrijf van de rechtspersoon, onder aftrek van kortingen en dergelijke én de over de omzet geheven belasting. Opbrengsten zijn baten die ontstaan bij de uitvoering van de normale activiteiten van de onderneming.

5A. Wat wordt verstaan onder loonsom?

De loonsom is het loon van alle werknemers, behorende tot het loonheffingsnummer. Het gaat daarbij om SV-loon uit tegenwoordige dienstbetrekkingen.

Voor de loonsom wordt uitgegaan van het loon over het eerste aangiftetijdvak van het jaar 2020. Derhalve januari 2020, bij vier weken vermenigvuldigd met 8,33%. Indien er geen loongegevens aanwezig zijn, zoals hiervoor bedoeld, dan wordt uitgegaan van het loon over de maand november van het jaar 2019. Belangrijke wijziging per 20 mei 2020 is dat de loonsom van maart t/m mei kan worden gehanteerd bij de subsidievaststelling. Met deze wijziging wordt het mogelijk gemaakt dat een werkgever niet onnodig benadeeld wordt doordat zijn loonsom in de subsidieperiode (maart t/m mei) hoger is dan de loonsom in de referentiemaand (januari). Deze wijziging zorgt ervoor dat werkgevers de loonsom van maart t/m mei kunnen hanteren bij de subsidievaststelling, mits de loonsom in de periode maart t/m mei 2020 hoger is dan driemaal de loonsom van januari.

De loonsom wordt verminderd met:

  • uitkeringen van het UWV over het gehanteerde aangiftetijdvak, voor zover die uitkeringen in de loonsom zijn inbegrepen;
  • loon van werknemers waarvoor ontslagaanvraag is ingediend bij het UWV, vermenigvuldigd met 1,5 (indien verzoeken zijn ingediend na 17 maart 2020 bij het UWV);
  • de uitbetaling van vakantiebijslag in het gehanteerde aangiftetijdvak, behoudens ingeval de vakantiebijslag niet wordt gereserveerd;
  • loon van een werknemer boven het bedrag van € 9.538,00 per tijdvak van een maand.

De loonsom wordt vermenigvuldigd met 0,926, indien de werkgever geen vakantiebijslag voor de werknemer reserveert.

Per 20 mei 2020 is aangegeven dat 'extra periode salaris' uit de loonsom kan worden gefilterd tijdens zowel de referentieperiode als de subsidieperiode. Dit betekent dat een dertiende maand uit de loonsom kan worden gefilterd. Dit geldt helaas niet voor andere incidentele betalingen zoals eenmalige bonussen. Daarvoor kan de loonsom dan ook niet worden geschoond.

B. NOW 1.0-AANVRAAG

1B. Wanneer gaat de NOW 1.0-regeling open?

Vanaf 6 april 2020 kun je een NOW-aanvraag indienen via de website van het UWV.

2B. Hoe wordt de aanvraag ingediend?

Door middel van een formulier dat de Minister ter beschikking stelt. Per 20 mei 2020 is aangegeven dat de aanvraag tot en met uiterlijk 5 juni 2020 kan worden ingediend. 

3B. Wat moet worden ingevuld?

  • Ingeval er een aanvraag is gedaan voor de Werktijdverkorting, dan het dossiernummer;
  • De verwachte omzetdaling (uitgedrukt in hele procenten);
  • In welke aaneengesloten periode van drie kalendermaanden binnen de periode van 1 maart tot en met 31 juli 2020 de werkgever een omzetdaling verwacht;
  • Het loonheffingsnummer; en
  • Het rekeningnummer waarop de werkgever betalingen van de Belastingdienst inzake loonheffingen ontvangt.

Let op, als je een aanvraag doet op grond van de zogenoemde werkmaatschappij niveau, zorg ervoor dat je voorafgaand aan de aanvraag je er zeker van bent dat je aan alle voorwaarden van de ‘werkmaatschappijregeling’ voldoet.

4B. Welke loonkosten betreft het?

Loonkosten van werknemers die verplicht verzekerd zijn voor de werknemersverzekeringen (fictieve dienstbetrekkingen inclusief, DGA’s vrijwillig verzekerd exclusief).

5B. Wat te doen bij meerdere loonheffingsnummers?

Dien per loonheffingsnummer een aanvraag in. Let op: omzetverlies voor de gehele onderneming opgeven. Bij elke aanvraag dus dezelfde omzetdaling en dezelfde meetperiode invullen.

In de toelichting op NOW 1.0 is bepaald dat wanneer werkgevers meerdere loonheffingsnummers (eerste loonheffingennummer eindigt dan meestal op L01, het tweede op L02, etc.) hebben, dat dan meerdere aanvragen moeten worden ingediend als hij voor zijn hele loonsom subsidie wil aanvragen. Dus per loonheffingsnummer aanvragen. De subsidiabele loonsom zal dus vastgesteld worden per loonheffingennummer. De werkgever dient de omzetdaling op te geven die hij verwacht voor de gehele onderneming. Hij vult dus bij iedere aanvraag dezelfde omzetdaling en dezelfde referentieperiode in (indien de aanvraag wordt ingediend op concernniveau).

6B. Is een accountantsverklaring vereist?

Bij de aanvraag niet.

Bij de vaststelling van de NOW-subsidie wel, afhankelijk van de hoogte van het voorschotbedrag dan wel de definitieve subsidiebeschikking.

Een accountantsverklaring is in de volgende gevallen vereist:

a. Voorschotbedrag van € 100.000,00 of meer

b. Definitieve subsidiebedrag van €125.000,00 of meer

c. Voorschot is lager dan € 100.000,00, maar naderhand blijkt dat de definitieve subsidie toch op een bedrag van €125.000,- of hoger zal worden vastgesteld. De werkgever krijgt daarvoor 14 weken de tijd, zodat deze werkgevers ook 38 weken krijgen om een accountantsverklaring te overleggen.

Bij de bedragen van € 100.000,00 voor het voorschot en € 125.000,00 voor het vaststellingsbedrag wordt uitgegaan van het bedrag van de individuele rechtspersoon/natuurlijke persoon of het concern indien er sprake is van een concern. Hierbij zal niet per loonheffingennummer worden gekeken. Deze verklaring van de accountant moet voldoen aan controlestandaarden die door de Koninklijke Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants zijn vastgesteld, met inachtneming van het accountantsprotocol dat door de minister wordt vastgesteld.

Let op, voor werkgevers die een accountantsverklaring nodig hebben geldt per 20 mei 2020 dat de termijn voor de vaststellingsaanvraag van de NOW 1.0-subsidie wordt verlengd naar 38 weken.

Een verklaring van de boekhouder, financieel dienstverlener of brancheorganisatie is vereist bij:

a. Voorschot boven de € 20.000,00

b. Definitieve vaststelling boven de €25.000,00

Let op, voor werkgevers waarvoor geen accountantsverklaring nodig is, geldt nog steeds dat zij binnen 24 weken na afloop van het gekozen omzettijdvak (artikel 14) de vaststellingsaanvraag moeten indienen. Inmiddels is duidelijk dat werkgevers pas vanaf 7 oktober 2020 verzoeken om subsidievaststelling kunnen indienen bij het UWV. De indieningstermijn van 24 weken voor de aanvraag begint vanaf die datum te lopen. De werkgevers waarvoor geldt dat hun omzettijdvak per 31 mei of 30 juni eindigt, krijgen dan ook langer de tijd om een aanvraag om vaststelling van subsidie voor te bereiden.

7B. Wanneer beslist het UWV op een aanvraag?

De beslistermijn van het UWV is 13 weken. De betaling van het voorschot gebeurt in drie termijnen. In de praktijk wordt ernaar gestreefd de betaling van de eerste termijn van het voorschot te laten plaatsvinden binnen 2-4 weken.

8B. Wanneer kan een aanvraag worden geweigerd?

  • Bij niet of onvoldoende aannemelijk maken dat wordt voldaan aan de vereiste omzetdaling; of
  • Opgegeven IBAN niet correspondeert met het loonheffingsnummer; of
  • Geen loongegevens aanwezig zijn in de polis-administratie van het UWV; of
  • De aanvraag anderszins niet voldoet aan de vereisten van de regeling.

9B. Wanneer wordt er besloten over een eventuele verlenging?

Verlenging van NOW 1.0 is inmiddels een feit. We hebben voor de uitwerking en de voorwaarden van NOW 2.0 een aparte vragenlijst opgesteld.

10B. Moet je als werkgever wijzigingen ten aanzien van de aanvraag melden bij het UWV?

Ja.

11B. Kan het UWV de betaling van het voorschot opschorten?

Ja, bij een ernstig vermoeden dat niet aan de voorwaarden wordt voldaan. Bij een redelijk vermoeden van een strafbaar feit, kan tevens aangifte worden gedaan bij het Openbaar Ministerie.

 

C. WIE VALLEN / WAT VALT ONDER DE NOW 1.0-REGELING

1C. Komen publiekrechtelijke rechtspersonen, die vallen onder een concern / groep, ook in aanmerking voor de NOW 1.0 subsidie?

Ja, daarvoor gelden dezelfde regels als voor privaatrechtelijke rechtspersonen.

2C. Hoe zit het met internationaal werkende werknemers?

Voor zover het gaat om lonen van werknemers die sociaal verzekerd zijn in Nederland, kan de subsidie worden aangevraagd. Dit kan derhalve ook als de werknemers gedetacheerde werknemers zijn, die op grond Verordening (EG) 863/2004 in Nederland sociaal verzekerd zijn.

3C. Hoe zit het met buitenlandse ondernemingen / rechtspersonen?

Voor zover zij werkgever zijn van in Nederland sociaal verzekerde werknemers, kunnen zij ook een beroep doen op de NOW 1.0-regeling.

4C. Vallen zieke werknemers onder de NOW 1.0-regeling?

Ja.

5C. Valt de DGA onder de NOW 1.0-regeling?

Ja, mits je als DGA sociaal verzekerd bent.

6C. Valt de Ziektewetuitkering (ZW-uitkering), die je betaalt als eigenrisicodrager van ZW-uitkeringen (na uitdiensttreding), onder de NOW 1.0-regeling?

Hierover bestaat nog veel onduidelijkheid. Wij vinden het verdedigbaar dat ze er wel onder vallen. Artikel  16 van de Wet financiering sociale verzekeringen verwijst naar Wet op de loonbelasting 1964 voor het begrip loon uit vroegere dienstbetrekking. In artikel 10 van de Wet op de loonbelasting 1964 staat vervolgens het onderscheid tussen loon uit tegenwoordige en vroegere dienstbetrekking. Vervolgens staat in artikel 22a lid 3 Wet op de loonbelasting nog een uitbreiding op loon uit tegenwoordige dienstbetrekking. In dit stuk vind je onder meer de WAZO terug zoals genoemd in de toelichting in de NOW 1.0-regeling. De Ziektewet voor eigen risicodragers staat hier niet bij. Echter in artikel 8 van de Ziektewet staat dat iemand die een ZW-uitkering ontvangt geacht wordt werknemer te zijn bij het UWV. Op grond van artikel 63a Ziektewet treedt de eigenrisicodrager in de plaats van het UWV en ontstaat daardoor loon uit tegenwoordige dienstbetrekking. Dit in verband met volgende passage uit de tijdelijke noodmaatregel:

‘In de regeling wordt op verschillende plaatsen de begrippen ‘loon’ en ‘loonsom’ gehanteerd. Met het loon wordt gedoeld op het loon voor de sociale verzekeringen op grond van artikel 16 van de Wet financiering sociale verzekeringen (hierna: SV-loon), en wel alleen voor zover het gaat om loon uit tegenwoordige dienstbetrekking. Het SV-loon is behoudens enkele uitzonderingen gelijk aan het loon overeenkomstig de Wet op de loonbelasting 1964. Doordat met deze omschrijving loon uit vroegere dienstbetrekkingen is uitgesloten, geldt dat uitkeringen – op een tweetal uitzondingen na – in principe ook niet worden meegenomen in de berekening van de loonsom. De twee uitzonderingen hierop zijn: Ziektewetuitkeringen en uitkeringen op grond van de Wet arbeid en zorg, in de eerste twee jaren. Deze uitkeringen worden namelijk in de eerste twee jaren aangemerkt als loon uit tegenwoordige dienstbetrekking en vallen daarmee wel onder het begrip ‘loon’.’

Bovendien heeft het UWV laten weten dat de ZW-uitkeringen worden meegenomen en later eruit zouden worden gefilterd. Dit standpunt roept in onze nog meer vragen op, met name wat de juridische houdbaarheid hiervan is.

7C. Valt de aanvulling op de Ziektewetuitkering (ZW-uitkering) - uit hoofd de ABU- en NBBU-CAO - bij uitzendovereenkomsten met uitzendbeding onder de NOW 1.0 -regeling?

Nee, de aanvulling op de ZW-uitkering geeft de uitzendonderneming aan personen die niet meer bij hem in dienst zijn (in zijn hoedanigheid als uitzendbureau en niet als  eigenrisicodrager van ZW-uitkeringen). Hiervoor is geen uitzondering, dus dit blijft loon uit vroegere dienstbetrekking.

 

D. NOW 1.0-SUBSIDIE

1D. Hoe bereken ik het percentage omzetdaling?

Het percentage omzetdaling is het verschil tussen de referentie-omzet en de omzet in de periode maart – mei 2020, te delen door de referentie-omzet. Het percentage wordt naar boven afgerond op een afgerond percentage.

De referentie-omzet is de omzet over 2019, gedeeld door 4 (bij aanvang onderneming per 1-1-2019 en anders bij aanvang van de bedrijfsuitoefening tot en met 29-02-2020), gede eld door het aantal maanden waarvan de omzet in aanmerking wordt genomen, vermenigvuldigd met 3. 

De grondslag voor de omzetdaling hoeft niet te worden aangetoond.

Voorbeeld: Een voorbeeld voor de berekening percentage omzetdaling: een werkgever had een omzet in 2019 van gemiddeld € 100.000 per maand, ofwel € 1.200.000 over het gehele jaar. In de periode van 1 maart tot en met 31 mei 2020 – in dit voorbeeld de periode waarover de werkgever heeft aangegeven zijn omzetdaling berekend te willen hebben – is zijn omzet gemiddeld € 70.000 per maand, ofwel € 210.000 over de gehele periode. In dit geval is de omzetdaling: (€ 1.200.000 / 4) – € 210.000 = €90.000 : €300.000 (referentie-omzet) = 0,30  x 100% = 30%.

2D. Wordt de omzetdaling op groepsniveau c.q. concernniveau bepaald of per entiteit/werkgever?

Indien er sprake is van een grotere samenstelling van rechtspersonen of natuurlijke personen, zoals een concern of groep, is de omzetdaling van de gehele groep c.q. concern de basis van de subsidie. Voor alle loonheffingennummers die horen bij rechtspersonen of natuurlijke personen die onder de groep dan wel onder het concern vallen, wordt dezelfde omzetdaling opgegeven. Ook hierbij geldt dat de individuele werkgevers  (dus per loonheffingennummer) de subsidie formeel aanvragen.

3D. Hoe wordt de omzetdaling bepaald bij internationale concerns – groepen?

Er wordt gekeken naar de omzetdaling van de Nederlandse en niet-Nederlandse onderdelen met in Nederland verzekerd SV-loon van de groep.

4D. Is correctie van de referentie-omzet periode mogelijk?

Nee.

5D. Is een verlies aan arbeidscapaciteit ook vereist?

Nee, alleen omzetverlies.

6D. Worden subsidies en/of andere bijdragen uit publieke middelen gelijk gesteld aan omzet?

Ja.

7D. Wat als er vertraging wordt verwacht in de omzetcijfers?

Als de werkgever verwacht dat het effect van de huidige situatie pas met vertraging in de omzetcijfers zichtbaar wordt, kan de werkgever aangeven dat hij de meetperiode voor de omzetvergelijking een of twee maanden later wil laten aanvangen. De loonsom blijft hetzelfde; namelijk de loonsom van de  maanden maart, april en mei 2020.

8D. Kun je de NOW 1.0-subsidie aanvragen als een (onderdeel van een) onderneming hebt overgenomen in 2019 of begin 2020?

Ja. De aanvrager van een NOW-subsidie kan – indien hij een overname heeft gedaan na 1 januari 2019, maar uiterlijk op 1 februari 2020 – de kalendermaanden vanaf het moment van de overgang hanteren voor de omzetvergelijking, omgerekend naar de omzet over drie maanden. Op die manier wordt beter aangesloten bij de daadwerkelijke omzet(daling) van ondernemingen die betrokken zijn geweest bij een overgang van onderneming. Voor situaties van overgang van onderneming in de periode 2019 tot 1 februari 2020 wordt dus uitgegaan van de fictie dat de onderneming uiterlijk 1 februari 2020 is gestart, omdat er anders geen relevante refertemaand voor de omzet aanwezig zou zijn. Dit gold overigens al voor startende ondernemingen en gaat dus ook gelden bij overgang van een onderneming.

9D. Is de loonsom ook inclusief werkgeverslasten?

Ja, met dien verstande dat de opslag voor de werkgeverslasten standaard 30% is.

10D. Valt de transitievergoeding of enige andere vorm van ontslagvergoeding onder de loonsom, zoals wordt bedoeld in de NOW 1.0-regeling?

Nee.

11D. Hoe wordt de subsidie berekend?

A x B x 3 x 1,3 x 0,9.

A = percentage van de omzetdaling;

B = loonsom.

Voor loonsom wordt gekeken naar het eerste loonaangiftetijdvak van 2020.

12D. Hoe hoog is het voorschot?

80% van het bedrag wat aan subsidie wordt toegekend.

Voorbeeld Een werkgever heeft voor de berekening van het voorschot, waarbij wordt uitgegaan van het tijdvak januari 2020, € 3.500.000 loonsom en een verwachte omzetdaling van 25%. Dat leidt tot een verwachte vaststelling van de subsidie van (0,25 x € 3.500.000 x 3 x 1,3 x 0,9) = € 3.071.250 in totaal. Hiervan krijgt de werkgever een voorschot van 80%, in dit voorbeeld dus € 2.457.000.

13D. Als ik loonuitsluiting kan toepassen, mag ik dan toch loon doorbetalen en dit betrekken bij de hoogte van de loonsom in de zin van de NOW 1.0-regeling?

Ja.

14D. Wat als er sprake is van een wisselende arbeidsomvang / te werken uren?

Dan betaal je het gemiddelde van de uren gewerkt in januari 2020. Betaal je minder, dan is de subsidie lager.

15D. Wat zijn de consequenties voor de subsidie op grond van de NOW-regeling als je een ontslagaanvraag hebt ingediend bij het UWV en deze niet dan wel te laat intrekt?

Dit heeft consequenties voor de subsidie. Bij de vaststelling van de subsidie wordt namelijk vastgesteld wat het loon is van de werknemers voor wie ontslag is aangevraagd. Dit loon wordt vervolgens verhoogd met 50%. Dit loon van de ontslagen werknemers plus de vermeerdering van 50% wordt in mindering gebracht op de totale loonsom waarop de uiteindelijke hoogte van de subsidie wordt gebaseerd.

Op 3 april 2020 heeft Minister Koolmees de NOW regeling aangepast. Als voor een werknemer bedrijfseconomisch ontslag wordt aangevraagd, is de subsidieverlaging 50% hoger dan als van diezelfde werknemer het loon niet was doorbetaald.

16D. Zijn besluiten in de zin van de NOW 1.0-regeling vatbaar voor bezwaar en (hoger) beroep?

Ja, het zijn besluiten in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. Hoger beroep dient volgens de toelichting op de NOW 1.0-regeling te worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep (CRvB).

17D. Zal er controle op correctheid van de verstrekte gegevens plaatsvinden?

Ja, door middel van data-analyse controles. Dit kan plaatsvinden als onverwachte verschuivingen plaatsvinden tussen personeel binnen het concern, loonheffingennummers of andere mogelijke varianten. In dat geval kan een verklaring worden opgevraagd bij de formeel werkgever die de NOW heeft aangevraagd. Bij definitieve vaststelling van de subsidie wordt gebruik gemaakt van een verklaring van een accountant. Ook worden op ontvangen verantwoordingen risicogericht controles uitgevoerd.

18D. Waarvoor moet de werkgever de subsidie aanwenden?                          

De werkgever is verplicht de subsidie ‘volledig’ voor het betalen van de loonkosten aan te wenden.

19D. Ben je als bestuurder aansprakelijk voor de terugbetaling van de subsidie als over een paar maanden de onderneming die de subsidie heeft aangevraagd failliet gaat en de onderneming geen recht had op de subsidie dan wel te veel heeft ontvangen? 

Op grond van de NOW-regeling geldt geen bestuurdersaansprakelijkheid.

 

E. BEEINDIGING ARBEIDSOVEREENKOMST

1E. Is een beëindiging van de arbeidsovereenkomst in de proeftijd, een beëindiging met wederzijds goedvinden, een einde van de arbeidsovereenkomst van rechtswege ontslag wegens bedrijfseconomische redenen zoals wordt bedoeld in de NOW-regeling?

Nee.

2E. Heeft het consequenties als ik werknemers ontsla in de proeftijd, afscheid neem wegens einde van de arbeidsovereenkomst bij rechtswege dan wel met wederzijds goedvinden de arbeidsovereenkomst beëindig?

Ja, de werkgever heeft een inspanningsverplichting om de loonsom in de periode 1 maart 2020 tot en met 31 mei 2020 zoveel mogelijk gelijk te houden met driemaal de loonsom zoals gebruikt bij de berekening van de het voorschot. Een daling van de loonsom (dat zal het geval zijn als er dus afscheid wordt genomen) heeft gevolgen voor de hoogte van de uiteindelijke subsidie.

3E. Wat zijn de consequenties voor de subsidie op grond van de NOW-regeling als je een ontslagaanvraag hebt ingediend bij het UWV en deze niet dan wel te laat intrekt?

Dit heeft consequenties voor de subsidie. Bij de vaststelling van de subsidie wordt namelijk vastgesteld wat het loon is van de werknemers voor wie ontslag is aangevraagd. Dit loon wordt vervolgens verhoogd met 50%. Dit loon van de ontslagen werknemers plus de vermeerdering van 50% wordt in mindering gebracht op de totale loonsom waarop de uiteindelijke hoogte van de subsidie wordt gebaseerd.

4E. Maakt het nog uit dat op je ontslagaanvraag door het UWV afwijzend wordt beslist?

Je hebt de kans om de aanvraag in te trekken en als dat niet is gebeurd ben je te laat.

5E.Wanneer mag je geen ontslagaanvraag indienen, zoals wordt bedoeld in de NOW-regeling?

  • In de periode van 17 maart tot en met 31 mei 2020: de formeel werkgever mag bij UWV geen ontslagaanvraag indienen.
  • In de periode van 17 maart tot en met het tijdstip van inwerkingtreding van de NOW-regeling: de formeel werkgever mag geen ontslagaanvraag indienen. Heeft de werkgever dat wel gedaan, dan kan de werkgever de ontslagaanvraag binnen vijf werkdagen na inwerkingtreding van de NOW-regeling intrekken.
  • In de periode na het tijdstip van inwerkingtreding van de NOW-regeling: de formeel werkgever mag geen ontslagaanvraag bij het UWV indienen en dient dat binnen vijf werkdagen na indiening van die ontslagaanvraag in te trekken wil gebruik kunnen worden gemaakt van de NOW-regeling.

6E. Kan de werkgever bedrijfseconomisch ontslag kiezen in plaats van de NOW-subsidie aan te vragen?

De werkgever kan voor bedrijfseconomisch ontslag kiezen, indien hij, naast de overige voorwaarden van bedrijfseconomisch ontslag, aannemelijk kan maken (met redenen kan omkleden) dat met een beroep op de NOW-regeling het ontslag niet kan worden voorkomen. De werkgever krijgt dus een extra motiveringsplicht wanneer hij kiest voor de route van bedrijfseconomisch ontslag. De reden hiervoor is dat met de NOW-regeling de overheid zoveel mogelijk ontslag beoogd te voorkomen.

F. OVERIG

1F. Geldt er een bijzondere regeling voor uitzend- of payrollondernemingen?

Nee, dezelfde regeling is van toepassing.

2F. Moeten werknemers met een bepaald tijdscontract in dienst worden gehouden?

Nee, die voorwaarde is niet opgenomen in de NOW 1.0-regeling. Let wel, je hebt de verplichting om de loonsom gelijk te houden en daardoor kan het niet voortzetten van arbeidsovereenkomsten van werknemers mogelijk wel consequenties hebben voor je NOW-subsidie.

3F. Hoe lang kan het UWV de administratie controleren?

Tot vijf jaar na de vaststelling van de subsidie.

4F. Ben je verplicht de ondernemingsraad (OR) en de personeelsvertegenwoordiging (PVT) of de werknemers te informeren over de subsidieregeling van de NOW-regeling?

Ja, je bent verplicht de OR of PVT en – bij gebreke daarvan – de werknemers te informeren. In onze podcast leggen we uitgebreid uit welke regels gelden in specifieke situaties die ten tijde van de coronacrisis voordoen. Deze kun je hier beluisteren.

5F. Mag het UWV gegevens uitwisselen met andere organisaties en zo ja welke?

Ja, het UWV mag gegevens uitwisselen met de Belastingdienst. Als sprake is van een redelijk vermoeden van een strafbaar feit, heeft het UWV daarnaast de mogelijkheid om aangifte doen bij het Openbaar Ministerie (OM). Het OM kan een strafrechtelijk onderzoek instellen en tot vervolging overgaan. De Inspectie SZW kan onder gezag van het OM een opsporingsonderzoek starten.

 

Wat kan VRF Advocaten voor je betekenen?

Wij adviseren en begeleiden je graag bij:

  • vragen over NOW 1.0 en/of NOW 2.0;
  • de beoordeling of je in aanmerking komt voor NOW 1.0 en/of NOW 2.0;
  • het indienen van de aanvraag van NOW 1.0 en/of NOW 2.0;
  • het opstellen van een concept brief voor je werknemers en opdrachtgevers om hen te informeren over wat je hebt gedaan en wat dat voor hen betekent;
  • bedrijfseconomisch ontslag dan wel anderszins beëindiging van de arbeidsovereenkomst;
  • het opstellen van afspraken met verenigingen van werknemers, een ondernemingsraad dan wel personeelsvereniging of de individuele werknemers over werkbehoud;
  • afspraken over bedrijfseconomisch ontslag met de verenigingen van werknemers;
  • het opstellen van een model brief om na te gaan wie de belanghebbende verenigingen van werknemers zijn;
  • het opstellen van een bezwaarschrift tegen de voorschotbeschikking en definitieve beschikking van NOW 1.0 en NOW 2.0 en begeleiding daarbij;
  • het instellen van beroep tegen de voorschot beschikking en definitieve NOW 1.0 en 2.0 subsidiebeschikking.

Wil je meer weten over NOW 2.0? Klik dan hier.

Let op, dit is een momentopname en kan afhankelijk van verdere ontwikkelingen veranderen. In dit document wordt algemene informatie verstrekt. Niet is beoogd om hiermee juridisch advies te geven voor een concrete situatie. Hoewel veel zorg is besteed aan het opstellen van dit document, aanvaardt VRF Advocaten geen aansprakelijkheid voor de inhoud hiervan. Alle rechten voorbehouden. © VRF Advocaten 2020.

<versie 28 mei 2020>

 

 

Nog meer nieuws

KOM IN ACTIE TIJDENS DE BREXIT-OVERGANGSPERIODE

Door de overgangsperiode tot einde van dit jaar ziet het landschap na de Brexit deal van 30 januari er niet anders uit. Europa (EU) en het Verenigd Koninkrijk (VK) hebben 11 maanden de tijd om een samenwerkings- akkoord te sluiten. Lukt dat niet, dan wordt het alsnog een ’harde’ Brexit, zonder deal. Dus niet stilzitten! […]

Wil je op de hoogte blijven van het laatste nieuws als het gaat om de juridische stand van zaken ten aanzien van flexarbeid?