Is een huurovereenkomst verplicht bij verrekening of inhouding van huisvestingskosten met het (minimum)loon?

woensdag, 28 november 2018

Is een huurovereenkomst verplicht bij verrekening of inhouding van huisvestingskosten met het (minimum)loon?

In de uitzendbranche wordt met enige regelmaat tussen de uitzendonderneming en de uitzendkracht een uitzendovereenkomst (bij inhouding met een volmacht) gesloten, waarin wordt afgesproken dat de werkgever de huisvestingskosten verrekent met dan wel inhoudt op het loon van de werknemer. De vraag is of in dat geval een huurovereenkomst vereist is.

 

Wanneer is er sprake van verrekening en wanneer van inhouding?

Tijdens het dienstverband is het de werkgever in beginsel niet toegestaan om bedragen te verrekenen met het loon van de werknemer, tenzij het gaat om een van de in artikel 7:632 lid 1 BW genoemde posten. Bij verrekening gaat het in beginsel om vorderingen die de werkgever heeft op de werknemer. De werkgever mag onder bepaalde voorwaarden een aantal limitatief genoemde vorderingen die hij heeft op de werknemer (zoals voor huisvesting) verrekenen met het door de werkgever verschuldigde loon.

Alhoewel slechts bepaalde vorderingen mogen worden verrekend tijdens het dienstverband en deze lijst limitatief in de wet is opgesomd, is dat bij inhoudingen niet het geval. Bij inhouding gaat het om bestedingen van de werknemer zelf. De werkgever houdt een bedrag in op het loon en betaalt dit aan een derde. In beginsel is inhouding niet mogelijk. De werknemer mag aan de werkgever echter wel een volmacht geven om op zijn of haar loon een inhouding te doen en dit bedrag te betalen aan een derde. Daarnaast zijn inhoudingen zonder expliciete volmacht toegestaan voor betalingen van werknemers in verband met deelname in een pensioenfonds of spaarfonds.

Kort samengevat zit het verschil tussen verrekening en inhouding in de vraag wie een “vordering” heeft op de werknemer, de werkgever zelf of een derde. Is dit de werkgever zelf, dan betreft het in beginsel verrekening met het loon. Is dit een derde, dan betreft het een inhouding op het loon.

Voor verrekeningen en inhoudingen is voorts relevant dat verrekeningen met en inhoudingen op het loon in beginsel alleen zijn toegestaan over het gedeelte van het loon dat hoger is dan het wettelijk minimumloon. Dit is alleen anders als dat expliciet door de wetgever is toegestaan. De gedachte hierachter is dat de werknemer vrij moet zijn om over het wettelijk minimumloon te beschikken.

Is een schriftelijke huurovereenkomst vereist?

 

Artikel 7:631 lid 1 BW bepaalt (inhouding): “Een beding waarbij de werkgever het recht krijgt enig bedrag van het loon op de betaaldag in te houden, is nietig, onverminderd de bevoegdheid van de werknemer om de werkgever een schriftelijke volmacht te verlenen om uit het uit te betalen loon betalingen in zijn naam te verrichten. De bevoegdheid van de werknemer, bedoeld in de eerste zin, geldt niet voor het deel van het loon tot het bedrag, bedoeld in artikel 7 van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag, met uitzondering van betalingsverplichtingen als bedoeld in artikel 13, tweede lid, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag. Deze volmacht is te allen tijde herroepelijk.”

Artikel 2a lid 3 Besluit minimumloon en minimumvakantiebijslag bepaalt voorts wat betreft de bevoegdheid tot volmachtverlening: “Bij de schriftelijke volmacht, bedoeld in het eerste lid, overlegt de werknemer de afschriften van de huurovereenkomst en van de bescheiden, waaruit blijkt dat wordt voldaan aan de vereisten, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, aan de werkgever.”

Ingeval van inhouding op het wettelijk minimumloon op basis van een volmacht, dient de werkgever (blijkens Besluit minimumloon en minimumvakantiebijslag en de Nota van Toelichting) over een aantal schriftelijke stukken te beschikken en deze op verzoek van de Inspectie SZW beschikbaar te stellen. Het gaat dan om onder meer de schriftelijke volmacht en een afschrift van de huurovereenkomst.

Artikel 7:632 lid 1 onder e BW bepaalt echter (verrekening): “Behalve bij het einde van de arbeidsovereenkomst is verrekening door de werkgever van zijn schuld ter zake van het uit te betalen loon slechts toegelaten met de volgende vorderingen op de werknemer:

(…)

e. de huurprijs van een woning of een andere ruimte, een stuk grond of van werktuigen, machines en gereedschappen, door de werknemer in eigen bedrijf gebruikt, en die bij schriftelijke overeenkomst door de werkgever aan de werknemer zijn verhuurd.”

In artikel 7:632 lid 1 onder e BW is als eis opgenomen: “bij schriftelijke overeenkomst door de werkgever aan de werknemer zijn verhuurd”. De vraag is wat hiermee wordt bedoeld. Dient het hier expliciet te gaan om een schriftelijke huurovereenkomst? Zou dan wat betreft verrekening, als de werkgever ook de verhuurder is, kunnen worden volstaan met een algemene overeenkomst of een bepaling in de arbeidsovereenkomst over de verhuur van de woning? Op zich is dat dan toch ook een (schriftelijke) overeenkomst waaruit het vorderingsrecht van de werkgever als verhuurder blijkt?

De wettekst geeft geen uitsluitsel. Als naar de strekking van de Wet aanpak schijnconstructies (“Was”) en het Besluit minimumloon en minimumvakantiebijslag wordt gekeken, met name de beperkingen ter zake de verrekening en inhouding op het wettelijk minimumloon, zou naar analogie geredeneerd kunnen worden dat dit ook heeft de gelden voor verrekening. Dat is echter te kort door de bocht. Immers een volmacht is voor verrekening ex artikel 7:632 BW niet vereist, terwijl de wetgever dat wel heel expliciet heeft vastgelegd voor inhouding. In artikel 2a lid 1 Besluit minimumloon en minimumvakantiebijslag wordt expliciet gesproken van “het uit te betalen minimumloon in zijn naam betalingen te verrichten aan de verhuurder…. bedoeld in artikel 237 van Boek 7, derde lid, van het Burgerlijk Wetboek”. Ook wordt in dit artikellid bepaald dat de werknemer bevoegd is tot het geven van een schriftelijke volmacht aan de werkgever, maar niet dat dit een verplichting is. Dat is ook wellicht logisch, omdat een volmacht bij verrekening ex artikel 7:632 lid 1 BW niet vereist is. In de Nota van Toelichting p. 12 bij het Besluit minimumloon en minimumvakantiebijslag is voorts nog opgenomen: “De werkgever dient daarom de huurovereenkomst te kunnen tonen indien de Inspectie SZW hierom verzoekt”. Gezegd zou kunnen worden dat dit wellicht ook op verrekening ziet, maar ook hier ontbreekt duidelijkheid.

Er zijn arresten van de Hoge Raad waarin tot uitgangspunt is genomen dat de (letterlijke) wetstekst doorslaggevend is en niet wat “de bedoeling is geweest van de wetgever”. Uitgaan van hetgeen in de wet staat, lijkt dan ook doorslaggevend te zijn.

Conclusie

Of expliciet een schriftelijke huurovereenkomst moet worden gesloten tussen de werkgever en werknemer ex artikel 7:631 of artikel 7:632 BW, is afhankelijk van de vraag of sprake is van verrekening of inhouding van huisvestingskosten. Dat neemt niet weg dat het altijd verstandig is om een huurovereenkomst met de werknemer te sluiten, om zo rechten en verplichtingen goed vast te leggen. Inmiddels blijkt uit de praktijk dat de Inspectie SZW controleert op aanwezigheid van een schriftelijke huurovereenkomst en bij gebreke daarvan bestuursrechtelijke sancties oplegt, ongeacht of het om verrekening of inhouding gaat. Er zou volgens de Inspectie SZW altijd een aparte huurovereenkomst moeten worden gesloten. Het valt echter te betwisten of specifiek de benoemde huurovereenkomst vereist is bij verrekening of in dat geval ook kan worden volstaan met een andere overeenkomst of een arbeidsovereenkomst met concrete bepalingen over de verhuur van de woning. Creativiteit is hetzelfde zien als iedereen, maar iets totaal anders opperen.

Heeft u vragen over verrekeningen en/of inhoudingen op het loon of heeft u behoefte aan begeleiding in zaken tegen de Inspectie SZW, neem dan contact met ons op via: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.   / +31(0)13 - 820 09 52.

 

Plaats een reactie

U plaatst een reactie als gast

FaLang translation system by Faboba